Liefdevol opvoeden, een kunst

 




De uitgave van dit boekje is daarom zo belangrijk, omdat wie Rudolf Otto's hoofdwerk Das Heilige wellicht gelezen heeft als godsdienstfilosofische theorie, nu merkt hoezeer hij persoonlijk was geraakt door de werking van dat mysterieuze Iets, dat ons deel doet hebben aan een bovenrationele werkelijkheid. Dat hij een groot kenner van de Voor-Indische godsdiensten was, blijkt uit dit werk, waarin hij met name van het hindoeïsme een diep reikend en verhelderend beeld geeft door overeenkomsten en verschillen aan te wijzen met het christendom. Voor Rudolf Otto (1869-1937) is het heilige een autonoom Iets, 'das ganz Andere', dat rationeel weliswaar niet te kennen valt, maar wel innerlijk te beleven. De uitgever heeft het boek bewonderenswaardig verzorgd door er met grote kennis van zaken geschreven inleidingen, nawoorden en aantekeningen alsmede citaten van Otto aan toe te voegen. Een subliem boekje dus, waardoor velen zich kunnen laten verrijken. Met verklarende lijst van oosters-religieuze termen.

[Biblion|NBC]


Dit bewonderenswaardige boek is in godsdienstwetenschap en -filosofie nog altijd een topper. Hoewel het heilige ook rationele kanten heeft, zoekt Otto het meest eigene van het religieuze in de niet-rationele ervaring van 'het numineuze': in wat ons diep aangrijpt en ontroert zonder dat wij het nu direct kunnen benoemen. Vandaar het befaamde, door hem geijkte begrip 'mysterium tremendum et fascinosum': het mysterie dat ons doet huiveren en tegelijk ook fascineert, terwijl het zich onttrekt aan onze begrippen. In zijn onderzoek van het heilige,dat hij prachtig weet te verwoorden, betrekt hij behalve de bijbel en niet-christelijke godsdiensten ook poëzie en kunsten als muziek. Wie zijn godsbegrip zoekt te verhelderen, kan niet om dit boek heen. Daniël Mok heeft de tweede druk uit 1963 van deze vertaling stilistisch gemoderniseerd.


In een van zijn bekendste essays, The Will to Believe (1897) eist James een geestelijk terrein voor de menselijke geloofsbelevenis op dat zich onttrekt aan iedere rationele bewijsvoering. Iemands geloof word eenvoudig gerechtvaardigd door zijn behoefte aan een geloof. Het doet er niet toe of individuele geloofsovertuigingen botsen met wetenschappelijke dogma's; iedereen heeft het recht zelf zin aan zijn leven te geven, zolang anderen er niet door gehinderd worden in hun geloofspraktijk.


 

Godsdienstwetenschappelijke verhandeling over de inhoud en beleving van de religie van de archaïsche mens, geprojecteerd naar de moderne mens. 


Een klassieke fenomenologische inleiding in de godsdienstwetenschap die 'beschrijft in welke verschijningsvorm het heilige zich voordoet en de situatie van de mens beschrijft in een wereld die geladen is met religieuze waarden' (pagina 17). 

De auteur benoemt het heilige als macht en realiteit. De verschijningsvormen ervan in ruimte en tijd, in natuur en kosmos, en in het menselijk bestaan worden in vier hoofdstukken beschreven. Nadruk ligt op de niet-hedendaagse vormen. De geschiedenis van de godsdienstwetenschap krijgt een apart hoofdstuk en het nawoord geeft toelichting op de titel. Voorzien van uitgebreide noten en literatuurverwijzingen, plus verklarende woordenlijst, biografische notitie, bibliografie en register. 

De prettige en intelligente vertaling is van verschillende gerenommeerde handen. Dit deel 6 in de reeks 'Fenomenologische klassieken' is een aanrader voor ieder die de studie van de ervaring van het of de Andere - het numineuze - ter harte gaat. 

Zie ook de andere delen in de reeks over onder meer Rudolf Otto en William James. De meest recente Nederlandse 'erfgenaam'van Eliade is Tjeu van den Berk, met bijvoorbeeld 'Het numineuze' (2005).

Geschiedenis en praktische uitwerking van het geloof van de Quakers. Bevat tevens het essay Zwijgende eredienst van Rudolf Otto.


Dit boek verscheen voor het eerst in het Engels in 1927. In korte, duidelijke hoofdstukjes krijgt de lezer een goed inzicht in het geloof van de Quakers: in ieder mens is de goddelijke vonk aanwezig die aanspoort tot een volwaardig, menselijk, liefdevol leven. 

Met geestverwanten zijn deze Vrienden zo'n driehonderd jaar geleden een beweging begonnen die voortbestaat tot op de dag van vandaag.Quakers zijn ervan overtuigd dat via mystiek een innerlijk zachtmoedig geloofsleven kan worden bereikt en dat God onze wereld alleen geschapen heeft ten goede en dat alle mensen dat goddelijke ideaal kunnen bereiken. Ze zijn vooral in de praktijk gericht op uitvoering van deze gedachten. Nederland telt het voorbeeld van Woodbrook in Barchem, een conferentieoord waar mensen geïnspireerd kunnen worden. Er is geen vaste kerkelijke structuur of leefwijze nodig. In deze tijd vooral is hun geloofsbeleving en levensinstelling bijzonder sympathiek. 

Dit boekje is aanbevelenswaardig, want het is leerzaam en inspirerend om te lezen hoe zachtheid en rust kunnen overleven. Met een voorwoord door de befaamde Duitse theoloog Rudolf Otto (1869-1937).

Abraxas|Judaica

De hoogleraar in de mystiek en ethiek (1907-1972) geeft zijn filosofie over het jodendom.


Heschel is een van de grote Amerikaanse rabbijnen. Hij schrijft wat de ondertitel noemt 'een filosofie van het jodendom'. We moeten hierbij niet denken dat dit een filosofisch werk is, maar we moeten filosofie opvatten als 'denkwijze'. Daarmee komt het boek tot zijn recht. Het jodendom is een godsdienst die op rationaliteit is gebaseerd (dus niet op rationalisme). De auteur is rationeel en denkt op een bijzonder wendbare wijze. Vaak neemt zijn betoog een verrassende wending. Heschel slaagt erin om waar het geloof een doodlopende weg lijkt, een nieuwe doorgang te vinden. Men zou het boek in een adem kunnen uitlezen, maar waarschijnlijk krijgt de lezer dan de neiging het nog eens rustig te herlezen. Men zou het zelfs als dagboek kunnen gebruiken: elke dag een stukje met een nieuwe titel. Wie vastloopt in het wat theoretische eerste hoofdstuk, moet maar verder gaan met het tweede. Dan zal dit uiterst waardevolle boek geen problemen meer opleveren. Een boek dat ieder die religieus is georiënteerd, zou moeten lezen! Dit geldt niet alleen de joodse lezer, maar ook de christelijke. Dit boek zal velen, die religieus georiënteerd zijn, sterk aanspreken. Het behandelt zinvolle zaken in een begrijpelijke en heldere stijl. In vergelijking met de eerdere Nederlandse editie, a.i. 88-07-144-8, is deze nieuwe vertaling niet opmerkelijk anders; een biografische passage over Maimonides is toegevoegd.
Godsdiensfilosofische essays door de Duits-Amerikaanse rabbijn en hoogleraar (1907-1972).


Een bundel godsdienstfilosofische essays van de Duits-Amerikaanse rabbijn en hoogleraar (1907-1972). Het wezen van de joodse godsdienst is naar zijn woorden de betrokkenheid op de dimensie van de tijd. Niet de ruimtelijke zaken staan in het middelpunt, maar de 'heiliging' van de tijd. De sabbat is het teken en het voorbeeld van die beleving en is, zo stelt Heschel in het eerste essay van zijn indrukwekkende boek 'een paleis in de tijd'. Vanuit dit thema wordt de verhouding met God, de eeuwigheid, en de opdracht aan de mens, en de houding ten opzichte van het werk gezien. Tegelijkertijd geeft Heschel zo een wezenlijk inzicht in het eigene van de joodse godsdienst. Hierna volgt een aantal kleinere essays met als gemeenschappelijk thema verbondenheid en de waarde van menselijke inspanningen, de reikwijdte van verwachtingen en de betekenis van daden van de mens. De teksten zijn voorzien van eindnoten; het boek bevat enkele inleidingen. De filosoof, bijbelgeleerde en kenner van de rabbijns-mystieke traditie doet zich kennen als een grootse vertolker van de joodse traditie. De wijze waarop hij dit doet, is ook van groot belang voor de niet-joodse wereld.


Make a Free Website with Yola.