Liefdevol opvoeden, een kunst

Niemand is 'volmaakt', zonder enig gebrek en perfect. Religieuze mensen zeggen: 'God alleen is volmaakt', niet-religieuzen zeggen: 'In de wereld is niets volmaakt'.

In de menselijke onvolmaaktheid schuilt vaak ook het persoonlijke talent. Onze hersenen gaan bij onvolkomenheden op creatieve wijze alternatieve verbindingen leggen en ontwikkelen dan specifieke talenten. Uit onderzoek blijkt dat dyslectici vaak een krachtig visueel en ruimtelijk talent hebben.

Kinderen die 'meer dan normaal' impulsgestuurd blijven of zijn, de druktemakertjes in de klas, zijn bereid te experimenteren, zijn vaak zowel flexibel als star, hebben een hoog energieniveau en een af- of voorkeur voor complexiteit, zijn speels en ontvankelijk voor nieuwe en ongewone ideeën en ervaringen.

Zijn deze kinderen 'lastiger dan normaal in de omgang? Ja, kan het antwoord alleen maar luiden. Hoe lastig? Dat hangt vooral af van de houding van de ander tegenover deze kinderen met z.g. waarnemingsstoornissen. En wat is de juiste houding? Dat zijn de gewone pedagogische kwaliteiten die opvoeders vaak al van huis uit hebben, wellicht ondersteund door bijvoorbeeld Liefdevol opvoeden, een kunst en soms ook een gesprekje met een opvoedkundig consulent.

Een ding is belangrijk: bij kinderen met een waarnemingsstoornis(je) tikken pedagogische missers dubbelhard aan. Die rekening krijg je in de puberteit gepresenteerd op een moment dat het zelfs voor professionals haast ondoenlijk is om het gedrag nog positief te beïnvloeden.

Het is dus van onmetelijk belang dat de ouders goed observeren en de behoeften van hun kind aanvoelen en begrijpen. Als een kind krijgt wat hij nodig heeft en waar hij ook recht op heeft, dan zullen de gevolgen van hun specifieke hersenvariant overzichtelijk blijven. Soms is het lastig om een druk kind al die aandacht te geven die het blijkbaar nodig heeft. Des te meer als de familie klein is en er geen vertrouwde personen in de buurt zijn om bij te springen.

Een 'verwaarloosde' hersenvariant kan in de puberteit zo opspelen dat er naar psychiatrische middelen wordt gegrepen. De verschillende gedragingen worden apart gediagnosticeerd, er komt een do en don't-lijstje (hadden we dát maar eerder gehad!) en soms (of te vaak?) wordt er psychofarmaca voorgeschreven. Wat niet aan het lijstje mag ontbreken is gezinstherapie. Niet zozeer om te achterhalen waar het nou mis is gegaan, meer om nog te redden wat er te redden valt.

Wat moet er gered worden? Op de eerste plaats het contact tussen het kind en de ander, vooral ouders natuurlijk. Zonder contact is er geen redden meer aan. Er breekt een eenzame periode aan bij het kind op een moment dat de identiteitsvorming aan het afronden is. Voor de ouders zijn het bangelijke tijden waarin ze iedere keer hun hart weer vasthouden.

Overleeft het kind deze periode, dat wil zeggen dat het niet 'verloren' is gegaan, dan gloort er in de periode van hun twintiger jaren weer nieuw licht. De hersenen raken volgroeid, het verantwoordelijkheidsgevoel stijgt (soms tergend langzaam) en men is beter in staat om de gevolgen van eigen daden te overzien. Dat is ook de reden dat het jeugdrecht altijd overeind moet blijven om het risico te verminderen dat de jeugddelinquenten blijven hangen in hun ontoelaatbare gedrag en zwaar op achterstand aan hun volwassen leven beginnen.

William James spreekt over eenmaal geborenen en tweemaal geborenen. De eerste groep heeft een min of meer gezonde identiteitsvorming achter de rug, de tweede groep moet zichzelf nog uitvinden of hervinden. Het zijn de ervaringsdeskundigen bij uitstek. Hun zwakheid om op cognitief niveau van hun fouten te leren wordt omgebogen tot een authentieke doorleefde levenskracht.


 

© Alle rechten voorbehouden
Alle auteursrechten en databankrechten ten aanzien van deze pagina's worden uitdrukkelijk voorbehouden. Niets van deze pagina's mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotocopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook, en evenmin in een retrieval systeem worden opgeslagen.

De teksten op deze pagina zijn nog in bewerking.

Literatuur:
The Coincidence of ADHD and Creativity, Dr. Bonnie Cramond, 1995

 

Make a Free Website with Yola.