Liefdevol opvoeden, een kunst


Gepaste opvoedingsgedragingen van ouders of verzorgers

Posted by Daniël Mok on Saturday, December 13, 2008 Under: Regels en grenzen

Het opnemen van een kind van drie maanden dat huilt is nodig. Kinderen van deze leeftijd hebben het nodig dat er op hun huilen wordt gereageerd, om zich sociaal-emotioneel en lichamelijk goed te kunnen ontwikkelen. Opnemen van het kind, troosten, verzorgen, en/of kalmerend toespreken zijn daarom gepaste opvoedingsgedragingen van ouders of verzorgers.

Van een tweejarige mag nog niet verwacht worden dat hij of zij net als de overige gezinsleden aan tafel blijft zitten tot iedereen klaar is. Het is een eis die de ouders meer dient dan het kind en de kinderlijke ontwikkeling. Kinderen van deze leeftijd hebben al wel benul van welk gedrag hun opvoeders wel en niet goedkeuren. Ze kunnen regels als: ‘andere kinderen mag men niet slaan’ in de meeste gevallen al onthouden en reproduceren, maar zich er nog niet zelfstandig aan houden. Bij het rekening houden met anderen moeten ze nog geholpen worden.

Een kind van zes is al verder in het omgaan met regels en grenzen. Kinderen van deze leeftijd zijn zich erg bewust van regels en passen die dikwijls ook strikt toe. Ze ontwikkelen meestal strikte opvattingen over wat thuis en in de klas ‘eerlijk’ en ‘vals’ is. Voor de verdere ontwikkeling van hun zelfstandigheid is het goed dat ze steeds meer keuzes zelf mogen maken. Daartoe kan ook het kiezen van kleding uit hun eigen garderobe een geschikt middel zijn. 

Een kind deze keuzevrijheid geven is dan ook gepast opvoedergedrag en betekent niet dat het kind te weinig leert met regels en grenzen om te gaan.

In : Regels en grenzen 



Overeenkomsten tussen Kessler en de Opvoedingscanon


Kesslers systeempedagogische aanpak wordt gestaafd door onderzoek. Deze teksten zijn gedestilleerd uit de pedagogische aanwijzingen van De Haagse opvoedingscanon. Het is een wetenschappelijk onderbouwing van een groot aantal onderwerpen die voorkomen in het praktische opvoedboek 'Liefdevol opvoeden een kunst'. De ondertitel luidt: 'Op een zinvolle manier grenzen stellen en daarbij je goede humeur bewaren'. Het is geschreven door Eva Kessler en bewerkt door Daniël Mok die tevens optrad als verantwoordelijk eindredacteur.

Naar een canon van opvoeding


Julia "Meer kennis en begrip van ontwikkeling en opvoeding bij volwassenen betekent ook immers meer begrip van volwassenen voor kinderen en jeugdigen. En alleen al daarvan valt een gunstige invloed op de kwaliteit van hun ontwikkeling en opvoeding te verwachten." Bron: Gemeente Den Haag, Dienst OCW en Lectoraat Jeugd en Opvoeding Haagse Hogeschool.

Redactie van déze website:


Daniël Mok, Julia Boulanger & Eliazer Kolthoff De fragmenten op deze pagina's zijn afkomstig uit 'Canon van Opvoeding' door René Diekstra e.a.

Gepaste opvoedingsgedragingen van ouders of verzorgers

Posted by Daniël Mok on Saturday, December 13, 2008 Under: Regels en grenzen

Het opnemen van een kind van drie maanden dat huilt is nodig. Kinderen van deze leeftijd hebben het nodig dat er op hun huilen wordt gereageerd, om zich sociaal-emotioneel en lichamelijk goed te kunnen ontwikkelen. Opnemen van het kind, troosten, verzorgen, en/of kalmerend toespreken zijn daarom gepaste opvoedingsgedragingen van ouders of verzorgers.

Van een tweejarige mag nog niet verwacht worden dat hij of zij net als de overige gezinsleden aan tafel blijft zitten tot iedereen klaar is. Het is een eis die de ouders meer dient dan het kind en de kinderlijke ontwikkeling. Kinderen van deze leeftijd hebben al wel benul van welk gedrag hun opvoeders wel en niet goedkeuren. Ze kunnen regels als: ‘andere kinderen mag men niet slaan’ in de meeste gevallen al onthouden en reproduceren, maar zich er nog niet zelfstandig aan houden. Bij het rekening houden met anderen moeten ze nog geholpen worden.

Een kind van zes is al verder in het omgaan met regels en grenzen. Kinderen van deze leeftijd zijn zich erg bewust van regels en passen die dikwijls ook strikt toe. Ze ontwikkelen meestal strikte opvattingen over wat thuis en in de klas ‘eerlijk’ en ‘vals’ is. Voor de verdere ontwikkeling van hun zelfstandigheid is het goed dat ze steeds meer keuzes zelf mogen maken. Daartoe kan ook het kiezen van kleding uit hun eigen garderobe een geschikt middel zijn. 

Een kind deze keuzevrijheid geven is dan ook gepast opvoedergedrag en betekent niet dat het kind te weinig leert met regels en grenzen om te gaan.

In : Regels en grenzen 



Blog Archive

Make a Free Website with Yola.